Energie labels

Grote inpact voor kantoren gebouwd voor 2003.

Energielabel C

Weet u welk energielabel uw pand heeft? Dit kunt u checken op ep-online.nl. Heeft u op dit moment een energielabel A, B of C? Dan voldoet u aan de juiste eisen. Heeft u nu energielabel D t/m G? Dan kan het goed zijn dat u zonder bouwkundige ingrepen energielabel C kan behalen.

Utiliteitsgebouwen met een kantoorfunctie moeten verplicht energiezuiniger gemaakt worden. Vanaf 1 januari 2023 geldt energielabel-C als minimumeis. Voor de gebouwde omgeving bestaat de wens dat alle gebouwen in 2050 energieneutraal zijn. Dit Europese streven is overgenomen in het Energieakkoord. Daarnaast is de ambitie geformuleerd dat gebouwen in 2030 minstens een energielabel klasse A hebben.

Deze energielabel C-verplichting zal ingaan per 1 januari 2023 en geldt voor zowel publieke als private gebouwen die volgens de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) een kantoorfunctie hebben. Voor de gebouwgrootte is een ondergrens ingesteld van 100 m2 BVO. De energielabel C-verplichting komt neer op een Energie Index van maximaal 1,3 (lager = zuiniger). Monumenten zijn vooralsnog uitgezonderd. De minister bekijkt of gebouwen met een andere functie, zoals winkels, ziekenhuizen en onderwijsgebouwen aan een vergelijkbare verplichting onderworpen kunnen worden.

De energieprestatie

Bij oplevering, verkoop en verhuur van utiliteitsgebouwen dient de eigenaar te beschikken over een geldig energielabel. Bij openbare gebouwen hoort dit label zichtbaar te zijn voor bezoekers aan het gebouw. Het energielabel wordt opgemaakt door een gecertificeerd energieadviseur, ook wel EPA-U adviseur genoemd. De ‘U’ staat voor utiliteit en EPA voor energieprestatieadvies. Zo bestaat ook EPA-W, maar dan voor woningen.

De energieadviseur berekent aan de hand van gebouwkenmerken en specificaties van gebouwgebonden installaties de energieprestatiecoëfficiënt (EPC). Door de berekende energieprestatie te delen door de wettelijk verplichte prestatie, wordt de Energie Index (EI) bepaald. Dit verhoudingsgetal bepaalt binnen grenswaarden de labelklasse van het Energielabel.

Energie Index

De Energie Index is een weergave van de energieprestatie van het gebouw. Het verhoudingsgetal zelf zegt niets over het daadwerkelijke energieverbruik. Daarom wordt gewerkt aan een betere bepalingsmethode. Voor de nieuwbouwnorm voor Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG) wordt al een eenvoudiger getal gehanteerd, namelijk het energieverbruik per m2 BVO p/j.

Dit sluit aan bij de energiebenchmark ontwikkeld door ECN, waarin voor 24 verschillende gebouwtypen naar bouwjaar en grootteklasse het gemiddelde energieverbruik wordt berekend. De eisen voor (bijna) energie neutrale nieuwbouw laten zien waar op termijn ook bestaande gebouwen aan moeten voldoen. Hier ligt een uitdaging, want een gemiddeld kantoorgebouw in Nederland verbruikt zo’n 200 kWh/m2/jr, dus vier keer méér dan de BENG-eis.

Energielabel C

De klassen van het energielabel voor utiliteit lopen van ‘G’ tot ‘A++’, vergelijkbaar met het energielabel voor woningen. Meer dan de helft van utiliteitsgebouwen voldoet op dit moment niet aan de minimumeis van energielabel C. De huidige voorraad kantoorgebouwen telt ruim 67.000 panden met ruim 85 miljoen m2 BVO, volgens het rapport ‘Verplicht Energielabel voor kantoren’ van het EIB en ECN 1).

De kosten voor het verbeteren van de panden die niet aan energielabel C voldoen wordt door EIB/ECN geraamd op 860 miljoen euro. Omdat met de verbetering van de energieprestatie het energieverbruik teruggedrongen wordt, levert de investering een financiële besparing op. De maatregelen voor het verbeteren van de gebouwen verdienen zichzelf daardoor terug. De terugverdientijden variëren van 3 tot 7 jaar.

De Energielabel C-verplichting heeft een overlap met de eisen voortvloeiend uit het Activiteitenbesluit, onderdeel van de Wet Milieubeheer. Deze verplichting geldt bij een energieverbruik van meer dan 50.000 kWh per jaar of meer dan 25.000 m3 aardgas. Deze regel is van toepassing op maar liefst éénderde van alle utiliteitsgebouwen, ongeacht hun gebruiksaard of huidige labelklasse.

Energiebesparing

Gebouwen zijn verantwoordelijk voor 40% van het nationale energieverbruik (finaal) en voor ruim 30% van de CO2-uitstoot. Tegelijk is het besparingspotentieel enorm; in veel gebouwen zijn besparingen van 30% op het energieverbruik mogelijk, op aardgas alleen al zo’n 60% (bron: ECN). Het verbeteren van de energieprestatie van gebouwen levert dus geld op, door de lager uitvallende energierekening, ieder jaar opnieuw.

In een exploitatiebegroting vormt deze jaarlijkse kostenbesparing de hefboom om investeringen in energiebesparende maatregelen mogelijk te maken. De mogelijke energiebesparing is aan de hand van een aantal toepasbare maatregelen in te schatten. Hoeveel dat is per labelstap toont onderstaande tabel, opnieuw uit het rapport ‘Verplicht Energielabel voor kantoren’ van het EIB en ECN 1).

Voordelen en kansen

Behalve een afweging op grond van wetgeving of bedrijfseconomische motieven, bestaan ook andere redenen voor het doorvoeren van energiebesparende maatregelen. Een duurzaam gebouw behoudt of vergroot haar (balans-)waarde, is beter verhuurbaar, vaak tegen een hoger tarief. Voor duurzaamheidsmaatregelen bestaan aantrekkelijke financieringsvormen, naast fiscale stimulering (Energie Investeringsaftrek EIA) en subsidies (ISDE, SDE+). Een duurzaam gebouw met een gezond en comfortabel binnenklimaat vergroot de werktevredenheid en arbeidsproductiviteit van de gebruikers.

Het verbeteren van de energie efficiëntie van de bestaande gebouwvoorraad is een onvermijdelijk gevolg van veranderende wetgeving en van financieringseisen. Gebouwen die niet meer voldoen aan wettelijke regels en duurzaamheidseisen van financiers en beleggers komen vroeg of laat leeg te staan.